De geschiedenis van L'Ortye
In 1948 startte Hubert Jozef L'Ortye in Hoensbroek een kolenhandel, geënt op de staatsmijn Emma. Deze handel dreef hij met paard en kar als vervoermiddel. In 1955 werd de eerste vrachtauto aangeschaft. Het bedrijf groeide vervolgens uit tot een allround brandstoffenhandel (kolen, haard- en huisbrandolie).
De sterke seizoensgebondenheid van deze brandstoffenhandel liet in de zomertijd het transportpotentieel onbenut.
Daarom werd emplooi gezocht in een bedrijfstak die juist in het zomerseizoen uitgeoefend wordt. In dat kader werd in 1962 een start gemaakt met de zand en grindwinning activiteiten door de grindgroeve "Roode Put" te Simpelveld te gaan exploiteren. In 1963 begon Jan, als oudste zoon, in de onderneming.
Door de sluiting van de mijnen, een proces dat medio jaren 60 begon, werd voor de brandstoffentak van het bedrijf naar nieuwe activiteiten gezocht. Een containerbedrijf, dat later zal uitgroeien tot het huidige Transport en Milieu, en benzineservicestations werden hiertoe in 1967 aan de firma toegevoegd. Bovendien werd in Bocholtz een tweede grindgroeve gekocht. Vanuit deze groeve werd het geologisch identieke materiaal als uit de groeve "Roode Put" geleverd, vooral voor de aanleg van het "Klaverblad Bocholtz".
Omdat de beide groeven uitgeput raakten, werd in 1972 in Meers-Elsloo een nieuwe groeve opgestart, gelegen in de uiterwaarden van de Maas. Deze groeve levert tot op de dag van vandaag door ontginning boven en onder de waterspiegel zand en grind. Het grind wordt ter plaatse verwerkt in eigen wasserij, zeverij en brekerij. In 1973 kwam ook de tweede zoon, Math, in het bedrijf werken, hij startte met de verkoop van bestratingmaterialen. Later uitgroeiend tot het huidige Tuin·Deco·Bouw.
Buiten het grind- en containerbedrijf sloeg de firma steeds verder haar vleugels uit. Zo participeerde de grondverzettak in het omvangrijke karwei van de afgraving van de mijnsteenbergen. Als ook Jos in 1978 bij L'Ortye komt werken, zijn alle zoons bij het bedrijf betrokken.
In 1987 werd de groeve in Vaesrade aangekocht, groeve Hommert geheten, ook hier wordt tot op heden zand gewonnen.
Eveneens is in 1987 de gemeentehaven in Stein geprivatiseerd en aan de L'Ortye groep toegevoegd. In deze haven, genaamd Haven Stein B.V., wordt vooral bulkgoed op- en overgeslagen.
Sedert 1995 zijn de milieu-activiteiten sterk uitgebreid, waardoor momenteel nagenoeg alle soorten bedrijfsafval worden ingezameld en aanverwante milieudiensten worden geleverd. Sinds 1997 is sprake van participatie in Sorteer Zuid Oost BV. Deze vennootschap richt zich op het sorteren van bouw- en sloopafval. (BSA), bedrijfsafval en grof huishoudelijke afvalstoffen.
In 2000 is met De Maaswerken en de Vereniging Natuurmonumenten een samenwerkingscontract getekend voor de grindwinlocatie Meers. Vervolgens is met de uitvoering gestart van het proefproject Meers als voorloper van het Grensmaasproject. Het proefproject Meers dient meerdere belangen, waaronder bescherming tegen hoog water, natuurontwikkeling en winning van zand en grind.
In het najaar 2002 is een aanvang gemaakt met rolcontainer-activiteiten bij bedrijven en instellingen. Hiermee is het mogelijk geworden een compleet servicepakket te bieden op het gebied van afvalstoffenmanagement.
In de loop van 2004 zijn door de drie broers in goed onderling overleg plannen gemaakt voor de opvolging binnen het familiebedrijf. In 2005 worden deze plannen geëffectueerd en leidt dit ertoe dat Math L’Ortye het bedrijf na 32 jaar verlaat en zich alleen nog zal toeleggen op advieswerkzaamheden. Jos L’Ortye zet samen met zijn vrouw zelfstandig L’Ortye Tuin en Bouw voort onder de nieuwe naam L’Ortye Tuin-Deco-Bouw. De kinderen van Jan L’Ortye, Vivien en Jean, doen vervolgens hun intrede in het bedrijf en vormen hiermee de derde generatie L’Ortye.

